Vorige week was de crematie van mijn tante Thea, voorafgegaan door een kerkdienst. Mijn vrouw had besloten dat het een leerzame ervaring voor onze 8-jarige pleegzoon was om zoiets mee te maken. Dan kon hij ook kennismaken met een groot deel van de nog resterende familie van mij.

Koekie gedroeg zich goed. Boven verwachting eigenlijk. Hij was dol op mijn neef Frens, die ons ophaalde van het station in Heeze. Ook diens vrouw Miranda en hun tweeling Lynn en Luna sloot hij onmiddellijk in zijn hart. Daar wilde hij heel binnenkort gaan logeren en wie weet: misschien ging hij wel bij hen wonen. Mooi huis, volière in de tuin. Hij trok die dag opvallend veel met mijn neef op en als hij hem even niet zag, kwam hij naar mij toe en vroeg: ‘Waar is Frens?’

Toen het hostie-tijd was tijdens de kerkdienst, keek ik hem aan en vroeg: ‘Wil je een hostie?’

Hij knikte en we liepen samen naar voren.

‘Wat vond je nou van die hostie?’ wilde ik later van hem weten.

‘Lekker. Smaakte naar nootjes.’

‘Maar zeg nou eens Koekie, want ik begrijp er niks van: ging jij nou vroeger wel eens naar de kerk of niet?’

‘Ja.’

‘Met mama?’

‘Nee, met een ander pleeggezin.’

‘En daar kreeg je geen hostie?’

‘Alleen maar krentenbrood.’

‘Krentenbrood?’

‘Met suiker.’

Mijn kennis schiet nu even tekort. Geen idee welk geloof ik moet koppelen aan krentenbrood met suiker.

Maar goed: Koekie gelooft in God, daar zijn we na ruim negen maanden wel achtergekomen. Of hij nou een specifiek geloof aanhangt, dat weten we dan weer niet. Hij heeft wel eens medelijden met mijn vrouw, die niet gelooft. Met haar zou het wel eens slecht kunnen aflopen.

‘Jij weet zeker dat God bestaat?’ vraag ik hem.

‘Ja,’ zegt hij zonder een seconde te aarzelen.

‘Waarom?’

‘Omdat ik de bijbel heb gelezen.’

Wat een logica! Het wordt moeilijk daar iets tegenin te brengen.

‘Wat doet God?’ vraag ik verder.

‘Hij zorgt voor de mensen,’ zegt Koekie.

‘En is God goed of slecht?’

‘Goed. De duivel is slecht.’

Ik knik en vraag: ‘Wat moet jij van God doen?’

‘Bidden. En een lammetje in de brand steken, of zo.’

Als hij zinnen eindigt met het woord ‘of zo’, dan is dat voor mij meestal het sein om het onderwerp te laten rusten, want dan weet hij het allemaal niet meer. Dan heeft hij al zijn kennis wel gespuid.

Ik dring niet aan. Een 8-jarige hoeft nog geen afgewogen oordeel over God en het geloof te hebben. We blijven de komende tijd de kerk bezoeken om kaarsjes aan te steken voor degenen die we het beste toewensen. Is altijd een mooi moment om even over het leven na te denken. We kunnen dan altijd weer aan Koekie vragen voor wie hij kaarsjes wil branden; dan weten we weer precies welke mensen een plek in zijn hoofd en zijn hart hebben. En zolang zijn moeder daarbij zit, is het goed.

Frans Lomans
frans2150Lomans (54, hoofdredacteur van Panorama, kinderloos) en zijn vrouw Céline van Gennep (51, artdirector van J/M en moeder van de 25-jarige Rosa) zijn getrouwd in 2001 en hebben geen eerdere ervaring als pleegouders.

J/M is een informatief, journalistiek maandblad dat zich richt op alle aspecten van het ouderschap. Niet belerend, maar praktisch, toegankelijk en betrokken. De redactie informeert ouders helder en deskundig over de vele beslissingen die bij het opvoeden gemaakt moeten worden.